Closing Time | The Black Riders
De Zweed Bo Hansson bracht in 1972 een instrumentale ode aan Lord of the Rings uit. Hier rijden de zwarte ruiters door The Shire – kunnen jullie ze horen?
Het kabinet wil honderden miljoenen weghalen uit een pot die was bedoeld voor droogtemaatregelen, om daarmee achterstallig onderhoud aan infrastructuur te betalen. Een slecht idee. Watertekorten in droge zomers, zoals we die dit jaar hebben gehad, zullen in de toekomst verder toenemen. Niet alleen door grotere neerslagtekorten, met name als gevolg van meer verdamping bij hogere temperaturen, maar ook door lage waterstanden in de grote rivieren. Klimaatverandering droeg afgelopen zomer al bij aan de lage waterstanden in een groot deel van Europa. [caption id="attachment_370918" align="alignnone" width="1024"] Debiet in Europese rivieren in juli 2026 t.o.v. het gemiddelde voor die maand over 1992 – 2020. Bron: Copernicus Climate Change Service.[/caption] Begin deze maand werd een preprint gepubliceerd van een attributiestudie over die lage waterstanden. De publicatie is nog niet peer reviewed, en dus is een kleine slag om de arm op zijn plaats. Maar ik verwacht niet dat de conclusies heel anders uit zullen vallen na de peer review. In grote delen van Europa was het afgelopen zomer uitzonderlijk droog, met lage waterstanden tot gevolg. De afbeelding hieronder geeft, voor augustus 2025 tot juli 2026, de afwijking ten opzichte van het gemiddelde over de periode 1980-2025 van de waterafvoer in vijf grote rivieren: de Rijn, de Elbe, de Rhône, de Po en de Donau. In alle vijf was de afvoer, en dus ook de waterstand, sinds afgelopen voorjaar veel lager dan normaal. Volgens het onderzoek was de afvoer door klimaatverandering 26 tot 38% lager in vier van die vijf rivieren: de Rijn, de Rhône, de Po en de Donau. [caption id="attachment_370917" align="alignnone" width="442"] Afvoer van Rijn, Elbe, Rhône, Po en Donau van augustus 2025 – juli 2026, t.o.v. het gemiddelde over 1980 – 2025. Bron: Kettaren et al., supporting information.[/caption] De onderzoeksmethode Eerst nog iets over de gebruikte onderzoeksmethode. Het is een werkwijze die vaker wordt toegepast in attributiestudies. Het begint met het identificeren van de grootschalige meteorologische situatie, met name het patroon in de atmosferische circulatie, van waaruit het extreme weer ontstaat. Vervolgens wordt die meteorologische toestand nagebootst in een weer- of een regionaal klimaatmodel, zowel in het huidige als in het pre-industriële klimaat. Op die manier kan wat er werkelijk gebeurd is, vergeleken worden met wat er in een vergelijkbare situatie gebeurd zou zijn in het koudere klimaat van anderhalve eeuw geleden. Op voorwaarde dat de simulatie in het huidige klimaat goed overeenstemt met wat er werkelijk gebeurde, natuurlijk. Want anders is het model niet geschikt voor zo’n vergelijking. In deze studie werd nog een tweede model gebruikt: een hydrologisch model dat de door het klimaatmodel berekende neerslag en verdamping vertaalde naar debieten in rivieren. Voor dit onderzoek zijn de simulaties uitgevoerd voor een periode van meerdere jaren. Zo’n lange aanloop is hier nodig omdat verdamping en neerslag over een lange periode invloed hebben op de hydrologische toestand, zoals de grondwaterstand, en daarmee ook op het peil in rivieren. Wil je het precies formuleren, dan moet je zeggen dat dit onderzoek het effect laat zien van de opwarming in een specifieke meteorologische situatie. Het model berekent aspecten als temperatuur, bewolking, verdamping en neerslag in die situatie. Die zijn goed te modelleren, omdat ze worden bepaald door basale natuurwetten. Maar het mogelijke effect van veranderingen in de grootschalige atmosferische circulatie door klimaatverandering wordt niet in beeld gebracht. De circulatie wordt immers opgelegd aan het model. Het totale effect van klimaatverandering kan dus over- of onderschat worden in het onderzoek. In dit geval is een onderschatting aannemelijker, omdat er aanwijzingen zijn dat weerpatronen persistenter worden. Het warme en droge weer dat we afgelopen zomer hadden kan in een warmer klimaat dus langer aanhouden. Het spreekt voor zich dat het peil in de rivieren verder daalt naarmate een droge periode langer duurt. Maar het effect van klimaatverandering is nog te onzeker om het te kunnen kwantificeren. Resultaten [caption id="attachment_370920" align="alignnone" width="777"] Invloed van klimaatverandering op het debiet van Europese rivieren in juli 2026 volgens simulaties van Kettaren et al. Negatieve waarden geven een lager debiet weer door opwarming, positieve waarden een hoger.[/caption] Zoals te zien in de afbeelding hierboven had klimaatverandering een aanzienlijke invloed op de afvoer en daarmee de waterstand in rivieren in grote delen van Europa. Door de Rijn, de Rhône, de Po en de Donau stroomde aanzienlijk minder water als gevolg van klimaatverandering. In de Rijn bij Lobith zo’n 25% minder, volgens de simulaties van dit onderzoek. In de Elbe was de invloed veel kleiner, van licht negatief tot licht positief. Opwarming zorgde zowel voor minder neerslag als voor meer verdamping in de meteorologische omstandigheden van afgelopen juli en de maanden daarvoor. De mate waarin ze bijdroegen is niet op te maken uit de onderzoeksresultaten. Wel is duidelijk dat ze per rivier en van plaats tot plaats verschillen. Voor de Rijn bij Lobith speelt de verdamping een belangrijke rol. Hoe zit het met smeltwater? Smeltwater wordt niet genoemd in het artikel van Kettaren et al. Het gebruikte hydrologische model neemt accumulatie en smelt van sneeuw wel mee, maar de dynamiek van gletsjers niet. Ik weet niet waarom smeltwater niet wordt genoemd. Mogelijk is de jaarlijkse variatie kleiner dan die van de factoren die wel worden genoemd, of vereist het veel extra onderzoek om de invloed ervan uit de resultaten te filteren. In dat laatste geval zou er mogelijk ooit een aparte publicatie over kunnen komen. Hoe dan ook, voor de lange termijn is smeltwater wel degelijk relevant. Ik besteed er daarom toch wat aandacht aan, waarbij ik me concentreer op de Rijn. We zullen in de toekomst minder kunnen rekenen op de Alpen als buffer voor onze watervoorziening. Het grootste deel van die buffer wordt gevormd door sneeuw die in de winter valt en in het voorjaar of de vroege zomer daarop weer smelt. Gemiddeld over de lange termijn bestaat 34% van het water in de Rijn bij Lobith uit smeltwater van sneeuw, volgens een recent rapport van de Internationale Commissie ter Bescherming van de Rijn. Logischerwijs is dat smeltwater niet gelijkmatig over het jaar verdeeld. Vanaf eind april neem de hoeveelheid snel toe, met een piek rond begin juni, gevolgd door een vrij snelle afname in de zomermaanden. In een warmer klimaat zal er minder neerslag vallen als sneeuw en zal bovendien het smeltseizoen vroeger beginnen. De smeltwaterpiek zal daardoor lager worden en eerder in het jaar vallen. Het aandeel van smeltwater van gletsjers is veel kleiner: gemiddeld maar 1% van het water dat bij Lobith Nederland binnenkomt. Maar toch is het niet verwaarloosbaar. In een extreem droge zomer, zoals die van dit jaar, kan dat aandeel oplopen tot 17%. Dit smeltwater komt later in het seizoen: van juli tot en met september. Gletsjers verliezen massa door de opwarming, en dat levert op dit moment extra water op. [caption id="attachment_370921" align="alignnone" width="500"] Massaverlies van gletsjers in de Zwitserse Alpen vanaf 2000. Bron: ETH Zürich.[/caption] De gletsjers in de Zwitserse Alpen verloren deze zomer ongeveer 5,5% van hun massa. In het hele Alpengebied zijn gletsjers de afgelopen decennia al 60% van hun massa kwijtgeraakt. We zullen dus niet heel lang meer kunnen rekenen op extra smeltwater van gletsjers. Waarna we in een verdere toekomst niet of nauwelijks water van die gletsjers krijgen in het seizoen waarin we dat goed zouden kunnen gebruiken: de zomer. Hogere pieken, diepere dalen De totale hoeveelheid water die in de toekomst in een jaar door de Rijn zal stromen, zal niet heel veel veranderen. Een toename is waarschijnlijker dan een afname. De verdeling over het jaar zal veel ingrijpender veranderen: meer water in de winter, en minder in de zomer. Zowel hoge als lage waterstanden zullen dus extremer worden. In Nederland hebben we de afgelopen tijd vooral aandacht gehad voor de overstromingsrisico’s. Maar we zullen ook moeten anticiperen op watertekorten. Het lage water van afgelopen zomer was nu nog extreem, maar het zal in de toekomst vaker voorkomen en soms nog extremer worden. Vooralsnog lijkt dat inzicht niet te zijn doorgedrongen tot het Nederlandse kabinet.
De Zweed Bo Hansson bracht in 1972 een instrumentale ode aan Lord of the Rings uit. Hier rijden de zwarte ruiters door The Shire – kunnen jullie ze horen?
Dat kan! Sargasso is een collectief van bloggers en we verwelkomen graag nieuw blogtalent. We plaatsen ook regelmatig gastbijdragen. Lees hier meer over bloggen voor Sargasso of over het inzenden van een gastbijdrage.
Het komt niet vaak voor dat ik jaloers ben op mensen die in een commissie zitten, maar dat geldt wel voor de Ad Hoc Committee on AI Use in Teaching, Learning, and Research van het Massachusetts Institute of Technology. Zij schreven een rapport over AI in het onderwijs. Voor zover commissies ooit de goede toon kunnen aanslaan is dat deze commissie volgens mij gelukt.
Het is een kwestie waar iedereen in het onderwijs mee worstelt. Op de basisscholen is het geloof ik nog niet heel urgent, maar daarna is toch de vraag: wat moeten we met kunstmatige intelligentie? Wat staan we studenten toe, maar ook wat staan we docenten toe? Hoe gaan we om met het feit dat hier een technologie nu al een paar jaar lang tot steeds verbazingwekkender zaken in staat lijkt die tot een paar jaar geleden nog exclusief aan mensen was voorbehouden? Je met een druk op de knop resultaten krijgt die wij altijd hebben gepretendeerd aan te leren en die we nu ook nog steeds als toetsing gebruiken.
Hét antwoord hebben de collega’s van het MIT niet. Hét antwoord kan ook niet gegeven worden zolang er minstens ieder kwartaal wel weer een doorbraak komt – die machines bijvoorbeeld zelfstandig een wiskundig bewijs kunnen vinden, of er juist blijkt dat de grote bedrijven onder druk van de EU allemaal watermerken in hun teksten zetten, zodat kan worden aangetoond dat ze kunstmatig gegenereerd zijn. Je kunt geen vaste koers zetten op een schip in de storm.
COLUMN - van Prof.Mr. Roel Bekker
In 1969 trok Crince le Roy veel aandacht met zijn inaugurele rede als lector waarin hij de ambtelijke dienst beschreef als ‘de vierde macht’, naast de gebruikelijke drie machten van Montesquieu. Het betoog sloot aan op de al bestaande kritiek op ambtenaren. De ambtelijke dienst was bureaucratisch, wat niet meer de positieve klank had van Weber maar stond voor langzaam en inefficiënt werken, met veronachtzaming van de burger. De ambtelijke dienst was ook conservatief, eigengereid en op zichzelf gericht, waardoor politici het gevoel hadden voortdurend tegengewerkt te worden in hun ambitieuze plannen. Ambtenaren waren een bedreiging voor het politieke primaat.
De lijst van bezwaren tegen de vierde macht was nog veel langer en ging er zeker bij de politiek in als koek. De reactie was duidelijk: de politici vonden dat de ambtelijke macht moest worden verminderd en dat die meer bij hen moest liggen. Dat werd daarna steeds meer de lijn, vanaf de jaren 90 onderstreept met maatregelen als de Oekaze-Kok [1] waarbij ambtenaren nog eens werd ingeprent dat niet zij maar politici het gezicht van de overheid waren. Of de Balkenendenorm [2], inhoudende dat de minister in het publieke domein het hoogste salaris moest hebben. Met als onvermijdelijk gevolg dat voor toptalent geen marktconforme salarissen meer konden worden geboden. In wervingsadvertenties werd meer en meer gezocht naar ambtenaren met politieke gevoeligheid. Alsof dat niet vooral een eigenschap is die politici zélf moeten hebben. Topambtenaren werden bovendien in hun functie op termijn gezet. Maximaal zeven jaar en liefst korter, dan konden ze de zaken niet meer naar hun hand zetten, zo was het idee. De politiek ging op haar beurt zichzelf gaandeweg versterken. Er kwamen meer bewindslieden en die kregen bovendien een groeiende ‘bontkraag’ [3], met door henzelf benoemde politieke assistenten voor ondersteuning van hun steeds meer actiegerichte politieke werk. [4]
Sargasso heeft privacy hoog in het vaandel staan. Nu we allemaal meer dingen online doen is een goede VPN-service belangrijk om je privacy te beschermen. Volgens techsite CNET is NordVPN de meest betrouwbare en veilige VPN-service. De app is makkelijk in gebruik en je kunt tot zes verbindingen tegelijk tot stand brengen. NordVPN kwam bij een speedtest als pijlsnel uit de bus en is dus ook geschikt als je wil gamen, Netflixen of downloaden.
Er wordt rondgebazuind dat we in tijden van polarisatie leven. En polarisatie zou dan betekenen dat de schreeuwers tegenover de stillen staan.
Om dat allemaal een beetje goed te breien (wat neerkomt op 1 rechts, 1 averechts en vooral links overhalen heur muil te houden)roept men de gepolariseerden op met elkaar in gesprek te gaan.
Begrip tonen, luisteren, meevoelen, vragen stellen, vriendelijk blijven.
Mijn advies: sluit je niet aan bij de schreeuwerds, ook niet bij de stillen. Zoek het bij hullie die van allebei wat zijn: “the gentle, angry people”.
Soms publiceert de KNAW (Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen) een belangrijk rapport, en 14 oktober publiceerde de Academie er maar liefst twee tegelijk: een over de academische vrijheid en een over de vrijheid van meningsuiting voor wetenschappers. Beide rapporten zijn sterke verdedigingen van de wetenschap en waar de wetenschapper voor staat. Het rapport over academische vrijheid is vooral een pleidooi om deze vrijheid te verankeren in de wet en dan nog liever in de grondwet, als een belangrijke vrijheid die aparte bescherming verdient. Dat over de vrijheid van meningsuiting is een krachtig pleidooi dat wetenschappers moeten kunnen deelnemen aan het wetenschappelijke debat, ook over onderwerpen die buiten de grenzen van hun specifieke expertise liggen, zolang ze duidelijk blijven maken waar die grenzen precies liggen.
Het zijn allebei heldere en verstandige documenten en ik hoop van harte dat de aanbevelingen die erin gegeven worden opgevolgd worden.
Ik heb er ook veel van geleerd. Mij was in de Nederlandse discussie over academische vrijheid nooit zo duidelijk waarom die vrijheid beperkt zou blijven tot medewerkers van de universiteiten en de instituten van KNAW en NWO (Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek). Zijn er niet veel meer onderzoekers, en moet hun vrijheid niet net zo goed worden gewaarborgd? Dit rapport maakt duidelijk dat de vrijheid van alle onderzoekers ‘wetenschappelijke vrijheid’ heet – die wordt bijvoorbeeld in Duitsland wettelijk gewaarborgd voor iedereen. De belangrijkste reden waarom de KNAW-rapporten er niet over gaan is kennelijk dat dit niet de opdracht was die de politiek gaf.
Het tentenkampje bij de Aula van de TU Delft is inmiddels verdwenen. Op de plek waar studenten twee weken lang protesteerden tegen de Israëlische samenwerkingen van hun universiteit, verschenen maandag symbolische graven, ter nagedachtenis aan gedode Palestijnse wetenschappers. Maar ook de overige symbolen van het protest waren geen lang leven beschoren. Nog geen 24 uur nadat de studenten hun tenten hadden opgebroken, waren het Palestijnse huisje en de geplante olijfboom alweer verwijderd. Volgens de actievoerders heeft de universiteit bovendien het spandoek weggehaald waarop haar medeplichtigheid aan de genocide werd aangeklaagd.
Sinds 5 oktober protesteerde Delft Student Intifada op de campus. De studenten hadden zelfs een klein Palestijns huis gebouwd, als symbool voor de huizen die Israël dag in dag uit in de bezette Palestijnse gebieden verwoest. Hun eis: verbreek de academische banden met Israëlische instellingen die bijdragen aan genocide, bezetting en apartheid.
De universiteit heeft inmiddels een afweging gemaakt. De conclusie is opmerkelijk: met de huidige kennis zou de TU nooit aan bepaalde samenwerkingen zijn begonnen. Toch mogen de meeste gewoon doorlopen, omdat stoppen te veel impact heeft op de eigen universiteit en medewerkers. Bij twee projecten waaraan ook een Israëlisch defensiebedrijf deelneemt, wil de universiteit de samenwerking wél beëindigen. Die projecten lopen binnenkort toch al af, dus dat was een stap zonder al te veel gevolgen.
Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.
Een maand geleden schreef ik Alles went, ook een genocide, naar aanleiding van het besluit van de NPO om Nederland toch weer aan het Songfestival te laten deelnemen. De genocide in Gaza, de vermoorde journalisten en de politieke inmenging van Israël waren voor AVROTROS reden om zich terug te trekken. De NPO vond wat aangepaste spelregels kennelijk voldoende om weer over “verbinding” te kunnen praten, met een kaakzakkende verwijzing naar de Tweede Wereldoorlog, waarvoor de organisatie gemakshalve dan wel die genocide even opzij moest schuiven.
Verval, met het nummer Ruis, van hun EP ‘Hersenpuin’. Het klinkt allemaal heel vrolijk, en de muziek klinkt navenant. Volgende deze site luisteren we qua stijl naar een combo van black metal en crust (als in crust punk denk ik???), en daar kan ik me dan weer weinig bij voorstellen, maar ach. Nadeel van een nummer van bijna 12 minuten is overigen dat YouTube het dan nodig vindt het 2x te onderbreken met reclame, wat dodelijk is voor muziek als deze – maar ik hoop dat jullie dat bespaard blijft als het clipje embedded is op onze mooie site.
Het Silkroad Ensemble is in 1998 opgericht door cellist en componist Yo-Yo Ma. Sinds enkele jaren is zangeres, songschrijver, banjospeler en violiste Rhiannon Giddens er artistiek leider. Het ensemble brengt muzikanten uit de hele wereld en uit een diversiteit aan muzikale culturen bij elkaar. Wereldmuziek dus, in de meest letterlijke zin van het woord. En het werkt prima, terwijl dat ook weer niet zo vanzelfsprekend is. Combineren van invloeden uit uiteenlopende culturen tot een goed klinkend geheel is niet altijd makkelijk. Het resultaat kan wel eens tamelijk geforceerd of gekunsteld klinken. Daar is hier geen sprake van. Hier klinkt de muziek als een wereldtaal, die alle leden van het ensemble vloeiend spreken.
Ik heb hier al vaker video’s geplaatst van sessies van KEXP. Een goede liveopname vind ik vaak interessanter dan een videoclip. Bij KEXP spelen veel goede bands, en het klinkt altijd uitstekend. KEXP zal dus nog wel wat vaker langskomen in mijn CT’s.
Vorige week verscheen op het YouTube-kanaal van KEXP een sessie van Altın Gün, uit Amsterdam. Opgenomen tijdens hun Amerikaanse tour van afgelopen september, die ze ook naar Seattle bracht. Een goede aanleiding voor een Closing Time, zou ik denken.
In het aritkel dat vanochtend hier bij Sargassso verscheen, ging het over de verstikkende gevolgen van landbouwbeleid in Indonesië: het ‘branden en kappen’ van regenwoud ten behoeve van de landbouw, waarbij gewassen voor de commerciële markt – zoals oliepalmen – worden verbouwd of hout wordt gewonnen.
Daar hebben onder andere miljoenen mensen in West-Kalimantan (Borneo) behoorlijk last van. Ze leven al maanden onder een verstikkende deken van smog.
De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.
Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.